Grafzerken

Tot aan het midden van de zeventiende eeuw telde De Nieuwe Kerk twee kerkhoven. Tijdens de uitbreiding van de Dam in verband met de bouw van het nieuwe stadhuis zijn de kerkhoven geruimd.

Wie het zich kon veroorloven, liet zich begraven in zijn familiekapel of in een familiegraf in de kerk. Het meest gewild was een plekje vlak bij het hoogaltaar, maar dit was alleen weggelegd voor de allerrijksten. Op de grafzerken in en rond het koor zijn bekende namen te lezen, vaak voorzien van familiewapen: de schrijvers en dichters P.C. Hooft, Joost van den Vondel, Jan Vos en Isaäc da Costa; de chirurgijn en burgemeester dr. Nicolaes Tulp, wiens anatomische les door Rembrandt is vereeuwigd; de burgemeesters Cornelis Pietersz. Hooft en Jan Six; de hoogleraar Caspar van Baerle. Twaalf grafstenen zijn in het begin van de jaren negentig uit veiligheidsoverwegingen verplaatst naar de zijkant van het koor omdat bezoekers zich konden bezeren aan het hoge reliëf van deze stenen.

In De Nieuwe Kerk hebben naar schatting permanent zo'n tienduizend doden gelegen. In de kerk waren de kisten vier hoog op elkaar gestapeld, in het verhoogde koor was plaats voor vijf kisten boven elkaar. De langst begravenen lagen in de onderste kist.

Sinds 1866 is het in Amsterdam verboden in kerken te begraven. Nog op 30 december 1865 werd de weduwe Lunel-Geerding in De Nieuwe Kerk begraven. Het was de laatste begrafenis is een Amsterdamse kerk.

Door geregeld hergebruik van zerken en restauraties van vloer door verzakkingen, liggen vrijwel geen grafstenen meer op oude plaats. Bovendien zijn sommige oude stenen afkomstig van de in 1950 gesloopte Eilandskerk, op het Bickerseiland. Tijdens de grote restauratie in de jaren 1959 tot 1980 zijn vrijwel alle graven ontruimd, en veel beschadigde stenen verwijderd. Ook moesten in verband met de aanleg van vloerverwarming veel grafzerken plaatsmaken voor dunnere stenen platen. De botten van de geruimde graven werden in ijzeren tonnen overgebracht naar de Oosterbegraafplaats.

Monument voor Joost van den Vondel (1587-1679), vervaardigd in 1772

Op 5 februari 1679 stierf op 91-jarige leeftijd Nederlands grootste dichter en toneelschrijver, Joost van den Vondel. Eervol werd hij begraven: veertien dichters droegen zijn kist en in de schouwburg werd een van zijn toneelstukken opgevoerd, voorafgegaan door een lijkrede.

Aan de zerk op zijn graf in De Nieuwe Kerk was Vondels roem echter niet af te lezen. Pas drie jaar later werd er een grafschrift aangebracht. Deze zwart-witte gedenkplaat werd in 1772 gemaakt, op kosten van het kunstgenootschap Diligentiae omnia. De urn met lauwerkransen en de sobere classicistische vormgeving is karakteristiek voor die tijd.

Gedenktekst voor P.C. Hooft (1581-1647)

Op zondag 16 maart 2003 op de 456ste geboortedag heeft de schrijfster Hella S. Haasse in De Nieuwe Kerk een gedenktekst voor de in de kerk begraven P.C. Hooft onthuld.

De schrijver-dichter P.C. Hooft (1581-1647) is gedoopt, getrouwd en begraven in De Nieuwe Kerk. Na 456 jaar is ter nagedachtenis een blijvend monument geplaatst in de kerk.