Passie voor Perfectie

Beeldmateriaal

01.
Kalligrafie van een leeuw
Gesigneerd Ahmed Hilmî
Ottomaans Turkije, 12 Jumada I 1331 (19 april 1913)
Inkt en aquarel op papier
CAL 242

De leeuw bestaat uit aanroepingen van ‘Ali, ook wel bekend als de ‘Leeuw van God’. Het werk is gemaakt door een sjiiet of door een lid van de mystieke Bektashi-orde. In deze orde worden de vijf nagels aan de poten van de leeuw geassocieerd met Allah, Mohammed, ‘Ali, Hassan en Hoessein. De rode tong wijst erop dat ‘Ali de brenger van Mohammeds woord was.

02.
Kom in de vorm van een halve bol
Egypte of Iran, 10de eeuw
Diepblauw glas op kleurloze ondergrond, geblazen in een open mal, in reliëf gesneden als een camee op een draaibank
GLS 550

Dit cameeglas dient waarschijnlijk ter imitatie van gesneden bergkristal of een hardsteen. De kom is gemaakt in Iran of in het Egypte van de Fatimiden. Dit type kom werd vermoedelijk op bestelling gemaakt en niet in het openbaar verkocht. Het vereiste hoogontwikkelde vakmanschap maakte zo’n kom even duur als een van hardsteen.

03.
Paar oorbellen
Syrië of Egypte, 10de of 11de eeuw
Gouddraad en bladgoud, met filigrein en granulaties
JLY 2149

De buitenrand van de oorringen, die als doosjes zijn vervaardigd, zijn in hoogreliëf. Ze omsluiten een klein vogeltje van filigrein.

04.
Dolk
India, Rajasthan of Dekkan, 18de eeuw
Kling: staal met waterpatroon, met een punt die een harnas kan doorboren; gevest: ingelegd met lichtgroene jade en bezet met goud, robijnen en smaragden, in een zetting van goudfolie in de kundan-techniek
MTW 1135

Wapens met een gevest van breekbaar materiaal als jade waren bestemd voor ceremoniële doeleinden, niet om vaak te gebruiken. Dit gevest is versierd met fijne gouden arabesken, waarop bloemmotieven van robijn en smaragd zijn aangebracht. Het goud is licht geciseleerd, wat het effect geeft van een bladpatroon; een techniek die in India zelden voorkomt. Bij de kundan-techniek wordt gebruik gemaakt van zo puur mogelijk goud dat zonder verhitting in holtes geduwd kan worden. Dit is noodzakelijk omdat men op breekbaar jade geen goudinleg kan inkloppen.

05.
Duimring
Moghul-India, 17de of 18de eeuw
Groengrijs nefriet, bezet met robijnen, diamanten en smaragden in een zetting van goudfolie volgens de kundan-techniek
JLY 1121

06.
Miniatuurportret van de Qajaarse heerser Fath ‘Ali Shah
Iran, begin 19de eeuw
Bladgoud, beschilderd met ondoorzichtig en doorzichtig email
JLY 1231

In de kunst uit de Iraanse Qajarentijd zijn doorlopende wenkbrauwen een teken van schoonheid. Baqir, de kunstenaar, was opmerkelijk veelzijdig; hij maakte olieverfschilderijen op doek en miniaturen en illuminaties in boeken en op lakwerk.

07.
Hanger in de vorm van een adelaar
Moghul-India, 18de eeuw
Goud, gegoten en geciseleerd, bezet met diamanten, robijnen, smaragden en saffieren in een zetting van goudfolie in de kundan-techniek, parels
JLY 2151

De formele, heraldische houding van de adelaar zoals in deze hanger was geliefd voor Europese sieraden uit de middeleeuwen en de renaissance. Dit sieraad vertoont kenmerken van een traditie geïntroduceerd door Italiaanse ambachtslieden die in de zeventiende eeuw aan het hof van de Moghuls werkten. Daarmee is mogelijk ook het gebruik van saffieren te verklaren, stenen die edelsmeden uit Moghul-India zelf liever niet gebruikten.

08.
Twee bladzijden uit een manuscript over de ruiterkunst
Mamelukken, Egypte, 15de eeuw
Inkt en dekkende aquarel op papier, naskh handschrift
MSS 662.1, MSS 662.2

De vroege Abbasidische kaliefen hechtten veel belang aan de ruiterkunst (furusiyyah) als verpersoonlijking van de riddercultuur. Met de opname van vele Turken in hun legers kwam er behoefte aan een handleiding om cavaleristen te trainen. Op de twee tentoongestelde bladzijden zijn jonge Mamelukken in wapenrusting te paard te zien, staand in het zadel en jonglerend met staven of lansen (rumh).

09.
Instrumentfoedraal, met spiegel en deksel
Iran, Isfahan, Jumada I 1187 (juli–augustus 1772)
Papier-maché; met gemonteerd deksel en laatje
LAQ 11

Op de achterkant van dit foedraal, gesigneerd Mohammed Baqir, is de ‘aanbidding van de herders’ afgebeeld, in Nederlandse stijl. Op de voorkant van het deksel staat een vrouw in Europese kleding, een met hermelijnbont gevoerde jas over haar linkerarm, een knielende gelovige en vrouwelijke dienstbodes op de achtergrond.

10.
De reus ‘Uj en de profeten Mozes, Jezus en Mohammed
Mogelijk uit Qisas al-Anbiya’ (Verhalen van de Profeten)
Irak (Bagdad) of Iran (Tabriz), begin 15de eeuw
Dekkende aquarel en goud op papier
MSS 620

‘Uj (Og in het Oude Testament) was een reus die koning was van Basan en 3000 jaar oud werd. Mozes hakte in op zijn hiel, waarna het gevallen lichaam van de reus als brug over de Nijl diende. Op de voorgrond is de Profeet Mohammed afgebeeld met gesluierd gezicht. Op de achtergrond zien we Maria en de baby Jezus.

11.
Dubbele pagina uit de Gulshan-i ‘Ishq
(De Rozentuin van de Liefde) van de soefidichter Nusrati
India, Hyderabad (Dekkan Plateau), ca. 1710
Inkt, dekkende aquarel en goud op papier
MSS 640.1, MSS 640.2

De Gulshan-i ‘Ishq is een allegorisch liefdesverhaal, dat de ontwikkeling beschrijft van Koning Bikram tot zijn verlichting en de geboorte van een kind bij zijn tot dan toe onvruchtbare koningin. Er zijn twee soorten afbeeldingen: grote, meer nadrukkelijke, die het hoofdverhaal illustreren – zoals van de wanhopige koningin in haar privévertrekken – en kleine vignetten in de marges, die het dagelijks leven aan het hof, in de stad en op het platteland tonen.

12.
Hofmusicus Barbad verstopt zichzelf in een cipres en betovert koning Khusraw Parviz met zijn spel
Uit de ‘Houghton’ Shahnamah
Toegeschreven aan de schilder Mirza ‘Ali
Iran, Tabriz, ca. 1535
Inkt, goud en dekkende aquarel op papier
MSS 1030, folio 731a

De ‘Houghton’ Shahnamah (genoemd naar de verzamelaar die het in de jaren zeventig in New York in delen opsplitste), werd gekopieerd voor de Safavidische Shah Tahmasp, en wordt beschouwd als het fraaist geïllustreerde Perzische manuscript ooit gemaakt. Op groot formaat, geschreven in kalligrafisch nasta‘liq handschrift, op kostbaar papier, rijk verlucht met 258 illustraties, en met goud besprenkeld. Zelfs al werkte er een grote groep zeer bekwame schilders aan, het vergde zeker meer dan tien jaar om zo’n boek te maken. De vervaardiging is mogelijk zelfs tot in de jaren veertig van de zestiende eeuw doorgegaan, met inzet van een volgende generatie schilders. De opmaak van elke schildering is apart bepaald, dus de schrijvers, schilders en kantlijnversierders moeten voortdurend met elkaar hebben overgelegd. Er zijn wel algemene kenmerken: de destijds nieuwe schilderstijl in dekkende aquarel die wordt behandeld als tempera; nieuwe, subtiele schakeringen en modellering in pastelkleuren; de kleuropbouw en de accentuering van kleuren door vergulding en verzilvering; en het gebruik van parelmoer en talkpoeder voor een glanseffect. De details van de kostuums, wapens en bepantsering en het staatsietuig van de paarden maken dit manuscript tot een onovertroffen weergave van de rijke materiële cultuur uit zijn tijd.

13.
Mirdas, koning van Arabia Deserta, ligt met gebroken rug op de bodem van een kuil, voor hem gegraven door zijn zoon Zahhak op aandringen van de duivel, Iblis
Uit de ‘Houghton’ Shahnamah (Boek van Koningen)
Mogelijk schilder Sultan Mohammed
Iran, Tabriz, ca. 1520
Inkt, goud en dekkende aquarel op papier
MSS 1030, folio 25b

14.
Falnamah (Boek van Waarzeggingen) India, Dekkan Plateau, waarschijnlijk Golkonda, ca. 1610–1630 MSS 979

Deze schilderingen komen uit een Falnamah, een boek van waarzeggingen of voortekenen. Het bestaat uit 36 schilderingen, met begeleidende tekst die de afloop van de afgebeelde voorstelling voorspelt: goed, slecht of wisselend. Bij een ongunstige voorspelling geeft de tekst adviezen om een besluit uit te stellen of hoe de voorspelde uitkomst af te wentelen door een schenking aan een goed doel. Onder de afgebeelde onderwerpen zijn: episodes uit de Qisas al-Anbiya’ (Verhalen van de Profeten) door al-Kisa’i’, een bloemlezing van chris-telijke, joodse en islamitische legenden; episodes uit het leven van de Profeet Mohammed; episodes uit de Khamsah van de dichter en filosoof Nizami; en tot slot afbeeldingen van soefi’s die wonderen verrichten.

15.
Hofdame met een narcis
Moghul-India, rond 1630
Dekkende aquarel en goud op papier
MSS 1026

16.
Hoge flacon
Waarschijnlijk Boheems, eind 19de eeuw
Zwaar robijnrood glas, geblazen en bewerkt, met emailversiering en verguldsel
GLS 609

Dit is een kopie van een veertiende-eeuwse geëmailleerde Mamelukse flacon die door baron Gustave de Rothschild in 1864 in Parijs werd gekocht en die is afgebeeld in het boek ‘Perzische Ornamenten’ (Ornements de la Perse) van Eugène-Victor Collinot en Adalbert de Beaumont, een laatnegentiende-eeuwse encyclopedie van oosterse decoratieve kunsten. Robijnkleurig glas was een bekende negentiende-eeuwse Boheemse specialiteit.

17.
Medaillon
Iran, Afghanistan of Centraal-Azië, 12de eeuw
Turkooisblauw glas, gegoten in reliëf en geperst
GLS 608

Dit medaillon lijkt sterk op een aantal gekleurde glazen exemplaren die zijn opgegraven in de ruïnes van een twaalfde-eeuws paleis in Termez aan de Oxus (Amoe Darja), dicht bij de grens van Afghanistan en Oezbekistan. Omdat zo’n stuk glas te klein is en niet voldoende licht doorlaat voor een vensterruit, werden de medaillons waarschijnlijk gebruikt als bekroning van een stucwerken lambrisering, waar de opmerkelijke detaillering het best kon worden bewonderd.

18.
Jami‘ al-Tawarikh (De Wereldgeschiedenis) van Rashid al-Din
Iran, Tabriz, 714 AH (1314–1315 AD)
MSS 727

Rashid al-Din Fadlallah (ca. 645–718 AH/ 1247–1318 AD) werd geboren in Hamadan in 1247 in een joodse familie, maar bekeerde zich tot de islam. Hij studeerde geneeskunde en werkte aan het hof van de Ilkhan Abaqa. Na de troonsbestijging van Ghazan in 694 AH (1295 AD) kreeg Rashid al-Din een hoge politieke post. Hij bezette die totdat hij door rivaliteit in ongenade viel, waarna hij in 1318 werd geëxecuteerd. Van Ghazan kreeg hij opdracht om de geschiedenis van diens regeerperiode te beschrijven. De voltooide tekst werd gepresenteerd aan de volgende heerser, Öljeytü (reg. 1304–1316), die hem opdroeg het uit te breiden tot een geschiedschrijving van alle volkeren waarmee de Mongolen ooit contact hadden gehad. Dit werd de Jami‘ al-Tawarikh, oorspronkelijk bestaand uit vier delen, waarvan enkele helaas verloren zijn gegaan. Het voornaamste geïllustreerde deel lijkt de algemene geschiedschrijving te omvatten, vanaf Adam, via de Bijbelse patriarchen en de oude koningen van Perzië tot aan de Profeet Mohammed en de Rechtgeleide Kaliefen. Een deel hiervan bevindt zich in de bibliotheek van de universiteit van Edinburgh, een ander deel in de Khalili Collectie. Samen omvatten ze ongeveer de helft van het manuscript van ongeveer 400 bladzijden, met daarin de geschiedenis van de niet-Mongoolse volkeren van Eurazië. De achttien schilderingen die hier zijn tentoongesteld, tonen de begin-veertiende-eeuwse kosmopolitische cultuur van Tabriz, waar Latijnse, Arabische, Perzische, Syrische, Mongoolse, Chinese en Sanskriet geschriften beschikbaar waren.

19.
Wierookbrander in de vorm van een lynx
Iran, Khorasan, 12de eeuw
Kwartaire koperlegering, gegoten en opengewerkt, met fijn gegraveerde versiering
MTW 412

Lynxen waren zeer gewaardeerde jachtdieren, en omdat ze gemakkelijk konden worden getemd ook in trek als huisdieren. Deze wierookbrander werd gevuld via een opening in de borst, waarin zich een houder voor de houtskool en de brokjes wierook bevond. Men hoefde slechts het koolbakje eruit te trekken. De gegraveerde versiering bevat onder twee panelen met zegeningsinscripties in Koefisch schrift.

20.
Decoratief aanhangstuk voor een astronomisch instrument
Noord-Irak, Mosul, 13de eeuw
Messing, gegoten en gegraveerd
MTW 825

Deze ophangsteun heeft waarschijnlijk gediend voor een grote vrijstaande kwadrant, sextant of astrolabium in een astronomisch observatorium. De signatuur van de maker, Shakir ibn Ahmad, staat erin gegraveerd. Er is een versiering van opengewerkte arabesken, met krullen die sterk doen denken aan de opengesperde muil van een draak.

21.
Oorlogsmasker
Anatolië of West-Iran, eind 15de eeuw
IJzer, staal, geklopte en gegraveerde versiering
MTW 1390

Dit masker was oorspronkelijk aan een helm bevestigd, met een scharnier bij de wenkbrauwen en klemmen bij de slapen. Er zitten gaten in voor een neksluier en oorbeschermers. Het masker is misschien afkomstig uit de noordelijke Kaukasus, waar veel wapenrustingen voor de Ottomanen, Mamelukken en Ak Koyunlu werden gemaakt.

22.
Stel ‘deurkrukken’
Noord-Mesopotamië (nu Zuidoost-Turkije), begin 13de eeuw
Kwartaire koperlegering, gegoten en gegraveerd
MTW 1407, MTW 1428

Dit type objecten is vaak beschreven als deurklopper, maar aan een deur bevestigd kunnen ze niet bewegen. De geknoopte drakenstaarten hadden wellicht astronomische betekenis of zijn afgeleid van de slang van de klassieke god van de geneeskunst Aesculaap.

23.
Vier houten medaillons
Ottomaans, 19de eeuw
Hout, reliëfsnijwerk, met vergulde letters in thuluth schrift op donkerblauw geschilderde ondergrond
MXD 265a–d

In de Ottomaanse moskeearchitectuur nam de centrale koepel een belangrijke plaats in. Op zijn gewelfzwikken waren vaak medaillons van geschilderd hout of tegelwerk bevestigd, met daarop de namen van God, Mohammed, Abu Bakr, ‘Umar, ‘Uthman en ‘Ali – soms ook met die van Hassan en Hussein – en met bij hen passende gebeden. De vier medaillons in de tentoonstelling hebben de inscripties Allah (hier afgebeeld), Abu Bakr, Uthman en Hassan.

Allah
Abu Bakr
‘Uthman
Hassan

24.
Gekroonde kop
Centraal-Azië, 8ste of 9de eeuw
Kalksteen, gebeeldhouwd en beschilderd
MXD 325

Deze kop, die van achteren aan een stuk steen vastzat, moet afkomstig zijn van een fries met slaafsoldaten dat de audiëntiezaal in het paleis van een heerser versierde. De kroon is duidelijk Iraans. De krullen op het voorhoofd doen denken aan de slaafsoldaten zoals die voorkomen op negende-eeuwse schilderingen uit Samarra in Irak.

25.
Beeldje van een dromedaris
Iran, Kashan, 13de eeuw
Kwarts-fritgoed, versierd met luster over ondoorzichtig wit glazuur
POT 857

Op de schouders van deze dromedarisvormige vaas, met een kleinere vaas op de bult, zitten openingen voor bloesemtakjes. In luster zijn tuig en zadeldek aangegeven, evenals een medaillon met een harpij.

26.
Aquamanile in de vorm van een olifant
Syrië, 12de of begin 13de eeuw
In een mal gegoten, Laqabi kwarts-fritgoed onder bijna ondoorzichtig witglazuur, met turkooizen en kobaltblauwe kleurvlekken in het glazuur
POT 1285

De details van het olifantstuig zijn realistisch weergegeven, evenals de ronde schilden die de oren beschermen. De waterkan is te vullen via een gat aan de achterkant. De slurf dient als tuit. Decoraties op Laqabi-aardewerk worden gekenmerkt door diepe groeven, die mede dienen om te voorkomen dat gekleurde glazuren tijdens het bakken gaan uitlopen.

27.
Schaakstuk in de vorm van een zittende man
Iran, Kashan, eind 13de eeuw
Kwarts-fritgoed, zwarte schildering onder kleurloos glazuur, gedeeltelijk met turkooize en kobaltblauwe kleurvlekken
POT 1310

Op de rand van zijn hoed is dit beeldje geïdentificeerd als Sultan Tughril, en gedateerd 538 AH (1143–1144 AD). De datum verwijst dus niet naar de periode waarin het object (in de dertiende eeuw) is gemaakt. De twaalfde-eeuwse historicus Ravandi verhaalt van de regeerperiode van de Seltsjoeken-sultan Tughril II waarin deze een recept voor overwinningen op het slagveld geeft: ‘Men moet de bewegingen van de vijand en van de eigen troepen als een schaker observeren.’

28.
Tentdoek (qanat) met staande vrouwenfiguur
Moghul-India, mogelijk Fatehpur Sikri, eind 16de eeuw
Oosterse gebloemde zijde
TXT (IND) 17

Een prinses of vrouw van adel staat in een boognis. Ze is in profiel afgebeeld met een stralenkrans rond haar hoofd en twee stokken in de hand, de ene naar boven, de andere naar beneden gericht. Het doek komt duidelijk uit een decoratiecyclus met monumentale afbeeldingen van hovelingen, een latere variant op de schilderingen of beelden van staande figuren in de audiëntiezalen in paleizen.

29.
Tapijt met stervormige medaillons
West-Anatolië, Ushak (of Uşak), eind 15de of begin 16de eeuw
Wollen pool op wollen ketting
TXT 213

Tapijten van dit formaat werden over het algemeen geknoopt voor de export naar Europa. Dit wordt bevestigd door een fresco dat Hans Holbein in 1535 schilderde voor het paleis in Westminster. Daarop is koning Hendrik VIII afgebeeld, staand op zo’n ‘Ushak met ster’-tapijt.

30.
Kom met voet
Iran, ca. 1200
Minai kwarts-fritgoed, met beschildering in kobalt en turkoois onder of in het glazuur en een bovenglazuur van rood en zwart email
POT 12

Op deze kom zijn twee prinsen te zien in een schematisch landschap met vogels en een visvijver. De inscriptie langs de rand is pseudo-Koefisch, misschien gebaseerd op het Arabische woord voor ‘eer’, al-‘izz.

Dit type aardewerk met emailversiering wordt aangeduid als minai-waar.

31.
Ondiepe kom
Iran, Nishabur, 10de eeuw
Aardewerk, versierd met paarszwarte slib op een witte ondergrond met groene en gele kleurvlekken
POT 389

Deze kom is versierd zoals in de volkskunst, een stijl waarvan vrij weinig is overgeleverd in middeleeuwse islamitische culturen. Een prins in kleermakerszit heeft een gebladerde tak in de ene hand en een fles met lange hals in de andere. Rond hem staan afwisselend steenbokken en vrij mollige vogels, op een ondergrond van rozetten en groepen zich herhalende Arabische letters.

32.
Vrouwen- of kinderjas (don)
Centraal-Azië, Midden-Oxusgebied, Turkmeens of Oezbeeks, 1800–1850
Ikat-geweven zijdefluweel, katoen, zijden borduursel
TXT 201

Deze prachtige, veelkleurige fluwelen jas is waarschijnlijk gemaakt in Boechara, het voornaamste centrum voor kostbare zijde in negentiende-eeuws Centraal-Azië. Bij de ikat-techniek worden de dradenstrengen voor het weven afgebonden en geverfd, waarbij het afgebonden deel de verf niet absorbeert. De draden met verfpatronen kunnen worden gebruikt als inslag- (in de breedte) of scheringdraad (in de lengte), of als beide. De negentiende-eeuwse ikat-verfstijl van Centraal-Azië was waarschijnlijk een gevolg van de toen bloeiende handel met India.

33.
Europese jongeling in Portugees kostuum
Uit een exemplaar van de Shahnamah van Firdawsi uit 1058 AH (1648 AD) gesigneerd door de schilder Mu‘in Musavvir
Iran, Isfahan, ca. 1648
Dekkende aquarel en goud op papier
MSS 1000.1

Europese jongelingen behoorden tot de favoriete onderwerpen van Mu‘in. Er zijn drie versies van bekend. Mu’in schilderde ook een nu beroemd portret van zijn leermeester Riza-i ‘Abbasi, de gerenommeerde zeventiende-eeuwse schilder uit Isfahan, gedateerd 1087 AH (1677 AD). Hierop beeldde hij zijn leermeester Riza af terwijl die ook een Europeaan portretteerde.

34.
Meisje met een Indiaas hoofddeksel
Uit een exemplaar van de Shahnamah van Firdawsi uit 1058 AH (1648 AD) gesigneerd door de schilder Mu‘in Musavvir
Iran, Isfahan, ca. 1648
Dekkende aquarel en goud op papier
MSS 1000.2

35.
Tulbandkroon
Nepal, 19de eeuw
Diamanten, natuurlijke parels, robijnen (natuurlijke en synthetische) en smaragden, groen glas; goud, geëmailleerde gouden en zilveren zettingen, gouddraad en zilveren strips; hout of papier-maché overtrokken met kastanjebruin fluweel
JLY 1071

De combinatie van tulband en kroon symboliseert de verbinding tussen religieus en wereldlijk leiderschap in de moslim- wereld, vooral op het Indiase subcontinent. De Moghul-keizers en hun vazallen droegen volgens lange traditie tulbanden bezet met juwelen.

36.
Romp en mondstuk (chillum) van een waterpijp (hookah)
India, waarschijnlijk Mewar (Rajasthan), 18de eeuw
Goud over een kern van lakwerk met geschilderd, cloisonné- en champlevé-email
JLY 1974

Aan het einde van de regeringsperiode van Akbar (1556–1605) werd het roken van tabak geïntroduceerd in het Moghul-rijk door een van de edelen die tabak en hookahs, ofwel waterpijpen, meebracht na een bezoek aan Bijapur in Dekkan. In Mewar, een monarchistische Rajput-staat, werd de waterpijp in gebruik genomen als koninklijk attribuut. De decoratie van email op dit exemplaar is de meest minutieuze in de gehele Moghul-schatkamer.

37.
Twee albumbladen in de stijl van ‘Mohammed Siyah Qalam’
Iran, waarschijnlijk Tabriz, eind 15de eeuw
Inkt, dun laagje aquarel, dekkende aquarel en goud op grof papier
MSS 1065, MSS 1075

De naam ‘Mohammed Siyah Qalam’ verwijst naar de Perzische siyahqalami tekentechniek, met zwarte lijntekeningen op papier. Er schijnen zeer grote tekeningen te hebben bestaan, en sommige moeten oorspronkelijk opgerold zijn geweest, maar ze zijn allemaal afgesneden om op albumbladen te kunnen passen. Dit album is in beduimelde en vuile staat; mogelijk heeft het toebehoord aan een verhalenverteller die het gebruikte om belangrijke momenten in zijn verhaal te benadrukken.

38.
Kom versierd met luster
Irak, 9de of 10de eeuw
Vaalgeel aardewerk, monochrome lusterversiering over dekkend wit glazuur
POT 1593

39.
Paar enkelbanden
Indiaas subcontinent, Sindh, 19de eeuw
Goud op een kern van lakwerk, geëmailleerd en bezet met parels, robijnen en smaragden in een zetting van goudfolie in kundan-techniek
JLY 1916

De uiteinden van deze enkelbanden, uitbundig versierd met veelkleurig email en bezet met edelstenen, hebben de vorm van koppen van watermonsters (makaras). Opvallend is het vele roze, een kenmerk van de emailleerscholen uit de nu Pakistaanse streken Multan en Sindh.

40.
Dienblad
Jazira (Noord-Irak) of West-Iran, 1250–1300
Messing, ingelegd met zilver, gegraveerd en geciseleerd
MTW 1465

Vanwege de groeiende dreiging van een Mongoolse invasie trokken veel vaklieden westwaarts. Een aantal van hen was zeer bedreven in ingelegd metaalwerk. Zij vestigden zich in Mosul in Noord-Irak, later ook in Damascus en Cairo. Waarschijnlijk zijn enkelen teruggekeerd naar West-Iran, waar ze hofleveranciers werden van de Ilkhaniden.

Deze kunstwerken zijn te bezichtigen op de tentoonstelling Passie voor perfectie. Islamitische kunst uit de Khalili Collecties, van 11 december 2010 tot 17 april 2011 in De Nieuwe Kerk te Amsterdam. Dit beeldmateriaal mag, uitsluitend voor deze tentoonstelling, rechtenvrij worden gepubliceerd met de bronvermelding: ‘Nasser D. Khalili. Collection of Islamic Art. © Nour Foundation. Courtesy of the Khalili Family Trust’. Afbeeldingen dienen altijd vergezeld te gaan van bovenstaande bijschriften. Bij gebruik van beeldmateriaal dient een bewijsexemplaar van de publicatie gestuurd te worden naar onderstaand adres.

Voor meer informatie:

De Nieuwe Kerk Amsterdam

Communicatie, Educatie & Marketing
Martijn van Schieveen en Kim van Niftrik
T 020 626 81 68